Dé referentie voor kortfilm

Tati Short

Elk jaar brengt het Filmfestival van Gent binnen de sectie 'Memory of Film' een retrospectieve. Dit jaar ligt de focus op de Franse komiek, acteur en regisseur Jacques Tati. Naast zijn zes langspeelfilms staat er ook Tati Short op het programma, een compilatie van enkele kortfilms van en met Jacques Tati: Soigne ton Gauche ('36), L'Ecole des Facteurs ('47), Cours du Soir ('67) en Forza Bastia ('78). Jacques Tati (1907-1982) startte zijn carrière als pantomimespeler in de variététheaters. In het midden van de jaren '30 debuteerde hij als scenarist van enkele kortfilms waarin hij telkens zelf een rol vertolkte: Oscar, Champion de Tennis ('32), On Demande une Brute ('34), Gai Dimanche ('35) en Soigne ton Gauche ('36). Inspiratie vond hij bij de Amerikaanse komieken die net als hem scoorden met de combinatie van sport en mime: Charlie Chaplin, Buster Keaton en Harry Langdon. Zijn regiedebuut Retour à la Terre ('38) ging verloren, maar L'Ecole des Facteurs ('47) was onmiddellijk een succes en verzekerde de financiering van zijn eerste langspeler Jour de Fête ('49). Daarnaast verscheen hij als acteur ook nog in Sylvie et le fantôme ('46) en Le diable au corps ('47). Zijn kortfilmcarrière kende nog een klein hoogtepunt met Cours du Soir uit '67 en sloot uiteindelijk af met Forza Bastia ('78), een korte documentaire die pas in 2002 voltooid werd met de hulp van zijn dochter Sophie Tatischeff.

Vanaf 15 oktober start in het Caermersklooster in Gent de tentoonstelling 'Jacques Tati: Deux Temps, Trois Mouvements', georganiseerd door de Cinemathèque Française en Les Films de Mon Oncle. Een must voor alle fans (in spe) van het buitenbeen(tje) van de Franse cinema: regisseur, acteur en komiek Jacques Tati.

Slechts zes langspelers pronken op zijn palmares, maar dat maakt hem niet minder bekend of bemind. Ware magie en pure poëzie schud je nu eenmaal niet zo gauw uit je mouw. Maar als Tati het deed, deed hij het goed, perfectionistisch als hij was. Eén doel hield hij voor ogen: zijn publiek amuseren. Maar niet met hersenloze pulp. Dankzij slapstick en andere audiovisuele trucjes jongleerde hij met de kracht en de sfeer van de stille film. Op subtiele wijze hekelde hij de moderne samenleving met zijn materialisme en andere navelstaarderij. Maar hoewel hij op lichte voet kritiek leverde, en tegelijkertijd wel degelijk de ernst van de zaak inzag, verloor hij nooit zijn initiële plan uit het oog: geluk nastreven, fluitend rondkijken met plezier en kinderlijke verwondering. Zijn charme en tederheid komen misschien wel het best tot uiting in Les Vacances de Monsieur Hulot, een ode aan het eenvoudige leven en de sfeer van vakantie. Als acteur in zijn eigen film(s) zie je hem flaneren met zijn typische walk en move en met zijn hoofd letterlijk en figuurlijk hoog in de wolken. Het typetje van Monsieur Hulot matcht wonderwel met de persoon van Tati zelf en blinkt uit in menselijkheid en bescheidenheid. Tati noemde Hulot zelf "een maanmannetje" dat problemen heeft om zijn hielen op de aarde te zetten. Continu trippelt hij op de toppen van zijn tenen en balanceert in dezelfde positie als een raket uit een stripverhaal die zo meteen naar de maan geschoten wordt.

Soigne ton gauche (1936) Soigne ton gauche van René Clément is een korte film uit het begin van Tati’s carrière, waarin een aantal van zijn karakteristieke ’impressions sportives’ wordt opgevoerd. Tati speelt een boerenkinkel met boksambities die tijdens zijn eerste match genoodzaakt is om een handleiding te raadplegen. Hij krijgt ferme klappen, maar wordt bijgestaan door de klungelige postbode van het dorp, een typetje dat later nog terugkeert in L'Ecole des Facteurs. Dit geestige kortfilmpje barst van de slapstick en wordt bevolkt door ware portretten, zoals de robuuste, schreeuwlelijke moeder en de overenthousiaste, naïve boerenzoon. Tati steelt de show met een prettig staaltje pantomime. De opzwepende, amusante jaren 30 muziek en de sfeer van bescheidenheid maken er een grappige en gezellige kortfilm van. L’Ecole des Facteurs (1947)
Deze kortfilm opent met een lesje postbode-aerobics wellicht gedoceerd door de hoogste mannelijke leerkrachtenstem uit de filmgeschiedenis. De leerling-postbodes krijgen een choreografie aangeleerd die voor een stijlvolle postbedeling moet zorgen. De kaarsrechte houding en kwieke moves dwingen enerzijds wel het beoogde respect af, maar zijn anderzijds ook om te gieren. De stuntelige, maar aimabele postbode François (Tati) doet zijn uiterste best, maar heeft wat problemen met zijn fijne motoriek en uitschuivers in het algemeen. De scène van zijn jacht op "de ontsnapte fiets" werd ondertussen een legendarisch filmmoment.
Cours du Soir (1967) In Cours du Soir geeft Tati avondlessen over hoe je mensen moet observeren en imiteren. Zijn typische mimiek wordt hier volledig uit de doeken gedaan. Enkele typetjes die in deze kortfilm op het toneel verschijnen herinneren aan zijn bekendste personages, zoals de verstrooide docent (lijkt op Mr Hulot), de onhandige tennisspeler (Oscar, Champion du Tennis) en de stuntelige postbode (L’Ecole des Facteurs). Forza Bastia (1978) Forza Bastia is een korte documentaire in kleur over de UEFA-cupmatch tussen PSV Eindhoven en de Corsicaanse club Bastia, waaraan Tati's dochter Sophie Tatischeff meewerkte. Tati plaatst zich in de positie van observator en volgt de gebeurtenissen tijdens de aanloop naar de match. Terwijl hij met zijn camera losjes in de hand door de straten snuffelt, vangt hij banale sfeerbeelden en –geluiden die spontane en toch theatraal verantwoorde situaties tonen. Daarna filmt hij grappige scènes op het veld, zoals werkmannen die regenplassen "wegscheppen". Langzaam maar zeker wordt de spanning opgebouwd, neemt de sensatie toe, wordt het volksgewoel zichtbaar om te eindigen met vuurwerk op de tribunes. Tijdens de match blijft de focus voornamelijk gericht op de reacties in het publiek. Na afloop krijgen we nog enkele beelden van het verlaten stadion en de lege, vervuilde straten, muzikaal begeleid door Un' Antra Matina van I Muvrini.

Brecht Masschaele